Nederland behoort tot internationale koplopers



Begin juli kwamen onderzoekers en samenbeslissers uit 28 landen bij elkaar op het internationale Shared Decision Making-congres in Lyon. Tijdens het congres werd bevestigd dat dokters en patiënten nu het echte werk in de praktijk gaan doen.

Volgens congresdeelnemer Trudy van der Weijden (Professor Implementation of Clinical Practice Guidelines Maastricht University) blijft het vooral een onderzoekerscongres, hoewel het ook zeker bedoeld is voor zorgverleners. ‘We boeken langzaam maar zeker vooruitgang, bleek opnieuw tijdens dit congres. Het is belangrijk dat we ons als onderzoekers vooral op de praktijk richten en meetinstrumenten ontwikkelen die het gedrag in de spreekkamer goed meten.’

Geen kant-en-klaarrecept
Samen beslissen is zeer contextgevoelig en dat maakt de praktijk weerbarstig, zo verklaart Van der Weijden de langzame vooruitgang. ‘De verschillende patiënten en hun situatie vragen van de dokter telkens andere communicatieve vaardigheden. De ene keer moet hij luisteren en reflecteren, de andere keer troosten en soms juist weer snel knopen doorhakken. Ieder consult en iedere patiënt is anders. Er bestaat geen kant-en-klaar-recept voor samen beslissen.’

Nederland als inspirerend voorbeeld
Nederland hoort volgens Angela Coulter (onderzoeker University of Oxford), die een blog schreef over het congres, tot de koplopers. Ze noemt Nederland (naast Denemarken en de UK) als een inspirerend voorbeeld, vanwege het sterke leiderschap van de Patiëntenfederatie en patiëntenorganisaties die samenwerken met professionele organisaties om een beter begrip te bevorderen voor bewijs en onzekerheid.
‘Nederland wordt internationaal echt gezien als koploper’, beaamt Trudy van der Weijden. ‘Dat zie je terug in onze ruime vertegenwoordiging op het congres. De afgelopen jaren hadden we bovendien met minister Edith Schippers de politieke wind mee, waardoor we samen beslissen nu bottom up kunnen implementeren.’

Veelbelovende resultaten nieuwkomers
Angela Coulter signaleert in haar blog nog een opvallende ontwikkeling. De meest spectaculaire vooruitgang rapporteerden twee nieuwkomers: Noorwegen en Taiwan. In Noorwegen wordt samen beslissen op nationaal, regionaal en ziekenhuisniveau direct stevig op de kaart gezet, met onder meer ministerieel leiderschap, trainingen voor medici, patiëntenwetgeving, ontwikkeling van keuzehulpen, instrumenten voor effectmeting en richtlijnen die focussen op keuzes. Ook Taiwan dat pas het afgelopen jaar startte met een nationaal programma, zet flinke stappen. Zo zijn er 174 keuzehulpen voor patiënten ontwikkeld en implementeren al 165 ziekenhuizen (30%) samen beslissen.